:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.metronieuws.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2024%2F03%2FANP-444175206.jpg)
We horen steeds meer over ADHD in de media. Het stereotypebeeld van een jongetje dat moeilijk stil kan zitten, is inmiddels achterhaald. Ook vrouwen krijgen steeds vaker op latere leeftijd de diagnose ADHD. Maar er is nog een andere, verborgen doelgroep: ouderen met ADHD. Dit probleem wordt niet alleen onderschat, maar ook ook onderbelicht, zo blijkt uit een recente peiling onder ruim 8000 Nederlanders.
Aan het onderzoek deden 8200 mensen mee, van wie 66 procent 60-plusser was. Opvallend is dat vooral vrouwen en ouderen ADHD-klachten ervaren, maar geen officiële diagnose hebben. Zo denkt 59 procent van de respondenten ADHD te hebben, terwijl dit nooit officieel is vastgesteld. Veel van hen kampen al jarenlang met onbegrepen klachten en krijgen daardoor niet de juiste ondersteuning.
Waarom wordt ADHD niet erkend bij ouderen?
Het aantal mensen dat medicijnen slikt voor ADHD, is de laatste jaren enorm gestegen. Metro interviewde al eerder Liesbeth, bij wie de diagnose ADHD pas op latere leeftijd aan het licht kwam.
Er zijn verschillende redenen waarom ADHD bij ouderen vaak niet wordt herkend. Klachten worden regelmatig toegeschreven aan geheugenproblemen of (beginnende) dementie. Daarnaast praten ouderen zelf niet snel over ADHD-klachten. Ze hebben vaak geleerd hun problemen te verbergen door zogenoemde copingstrategieën (manieren om ergens mee om te gaan) en doordat ADHD op latere leeftijd op een andere manier tot uiting komt.
Dromerig, chaotisch of emotioneel
Volgens psychotherapeut en GZ-psycholoog Arjan Videler komt dat deels doordat ouderen zich hun leven lang hebben aangepast. „Veel ouderen hebben zich levenslang aangepast en voelden zich altijd anders. Ze werden ‘dromerig’, ‘chaotisch’ of ‘emotioneel’ genoemd en hebben allerlei manieren gevonden om ermee om te gaan”, legt hij uit. „Maar als vaste structuren wegvallen, door pensionering, verlies of gezondheidsissues, is dat niet meer vol te houden en gaan ze op zoek naar een verklaring.”
Ook kunnen andere aandoeningen ADHD maskeren. Zo noemen onderzoekers wisselende emoties, depressies, zelfbeeldproblematiek, gevoeligheid voor kritiek en hooggevoeligheid als klachten. Daardoor wordt er niet zo snel wordt gedacht aan een ADHD-diagnose.
Welke symptomen passen bij ADHD?
De symptomen van ADHD worden onderverdeeld in drie hoofdcategorieën: onoplettendheid en concentratieproblemen, hyperactiviteit en impulsiviteit. Mensen met ADHD zijn vaak snel afgeleid en vergeetachtig en raken geregeld spullen kwijt. Ze komen soms dromerig of afwezig over, hebben moeite met plannen en organiseren en maken sneller slordigheidsfouten.
Hyperactiviteit kan zich uiten in onrustig gedrag, moeite met stilzitten en veel praten. Impulsiviteit bestaat onder meer uit dingen eruit flappen zonder na te denken, anderen onderbreken tijdens gesprekken, emotionele uitbarstingen en snelle stemmingswisselingen.
Hoe ziet ADHD er bij ouderen uit?
Bij ouderen met ADHD neemt de zichtbare hyperactiviteit vaak af, maar de innerlijke onrust blijft bestaan. Die uit zich bijvoorbeeld in chaotisch gedrag, wanorde, moeite met plannen en problemen met tijdsmanagement, zoals vaak te laat komen. Ook snel geïrriteerd zijn, slaapproblemen, onhandigheid en houterigheid kunnen wijzen op ADHD.
Veel ouderen melden zich aanvankelijk bij de huisarts met concentratie- en slaapproblemen, zonder dat er direct aan ADHD wordt gedacht. Volgens GZ-psycholoog Jolien Diekhorst kan een diagnose dan juist veel betekenen. „Een diagnose geeft je niet alleen een verklaring, maar ook erkenning en de juiste handvatten om ermee om te kunnen gaan”, zegt zij.
Fabels en feiten over ADHD
Over ADHD bestaan helaas nog altijd veel misvattingen, waardoor het minder snel wordt (h)erkend. Zo denken veel mensen dat ADHD een typische kinderstoornis is en vanzelf verdwijnt naarmate iemand ouder wordt. Dat klopt niet. ADHD ontstaat niet op latere leeftijd, maar kan wel pas later worden herkend. Mensen met ADHD groeien niet over de stoornis heen, maar leren vaak beter om te gaan met wat zij ervaren.
Ook het idee dat mensen met ADHD slecht leren, klopt niet. ADHD zegt niets over intelligentie. Uit de peiling blijkt bovendien dat 96 procent van de respondenten vindt dat behandeling ook op latere leeftijd zinvol blijft. Tegelijkertijd is de behoefte aan informatie groot: veel deelnemers willen meer weten over diagnostiek, symptomen en of er behandelmogelijkheden zijn.
Volgens Diekhorst is het belangrijk ADHD bespreekbaar te maken, ook bij ouderen. „De resultaten van deze peiling laten zien dat het, ook bij ADHD, nooit te laat is voor een diagnose en een behandeling.”
Dit zijn de best gelezen artikelen van dit moment: