
De winnaars van de Fiets Awards 2026 zijn vandaag door de RAI Vereniging bekendgemaakt. Het is weer een mooie dwarsdoorsnede van waar de fietsbranche nu staat. Deze awards kun je zien als de ‘Oscars’ van de Nederlandse fietswereld – toch zijn ze wellicht een beetje anders dan je als consument zou verwachten: onze fietskenner David Lemereis vertelt er in dit artikel alles over.
De e-bike van het jaar is niet per se de lekkerst fietsende e-bike. De fietsen worden kritisch getest door een onafhankelijke vakjury, bestaande uit experts van de ANWB, BOVAG en diverse vakbladen.
De jury rijdt echt wel op deze fietsen, maar ze gaan niet dagenlang over de Veluwe fietsen om te testen welke e-bike de meest genuanceerde, natuurlijke trapondersteuning heeft – zoals je van mij gewend bent in mijn videoreviews. Niet dat ik veel over de Veluwe fiets, maar dat even terzijde.
Innovatie belangrijk
Vorige week sprak ik Jack Duis, juryvoorzitter van de Fiets van het Jaar-verkiezing, die de lading van de awards als volgt uitlegt: “Dit is een verkiezing waarin we fietsen beoordelen op verschillende onderdelen, waaronder innovatie, prijs-kwaliteit en gebruiksdoel. Er wordt uiteraard op gefietst, maar het is geen uitgebreide fietstest waarbij je alleen beoordeelt of het een ‘goede’ fiets is. Wij kiezen niet simpelweg de beste fiets, maar de fiets die de sector iets brengt waar we gezamenlijk de vruchten van plukken. Innovatie is daarbij van essentieel belang.”
Dat zie je ook terug in de beschrijvingen van de winnaars. De focus ligt sterk op e-bikes (uiteraard), maar ook op logistiek, duurzaamheid en slimme – soms verrassend simpele – innovaties. Dat maakt deze prijzen relevant: ze laten zien welke producten en ideeën er echt toe doen – voor consumenten én voor de industrie.
Wat mij verbaast aan deze awards, is dat zoveel merken ontbreken. Dat heeft niets met de jury of de RAI Vereniging te maken, maar met de merken zelf. Om in aanmerking te komen voor een nominatie, moet je een fiets of een fietsinnovatie inzenden en kun je voor een minimale vergoeding meedingen naar een award. Dat moet je niet verwarren met dat deze awards betaald zijn; het is een onkostenvergoeding. Als ik een fietsmerk was, zou ik daar sowieso aan meedoen, want of je nou wint of niet, je krijgt wel de nodige exposure voor je product.
Behoorlijk hoge prijzen
In totaal waren er zo’n 30 inzendingen, waarvan de helft e-bikes en de andere helft fietsinnovaties, variërend van sloten, verlichting, radar tot en met versnellingen.
Wat ook opvalt, zijn de prijzen van de bekroonde e-bike, cargobike en speedpedelec van het jaar. Die zijn fors en variëren tussen de €5.500 en €8.200. Dat is een andere prijscategorie dan de fietsen die ik meestal test. Hoewel ik af en toe wel een uitschieter heb, kosten de meeste e-bikes die ik test ergens tussen de €1.900 en €4.000.
Kennelijk kost innovatie een aardige duit. Maar wie zijn de zes winnaars, en waarom verdienen juist deze inzendingen volgens de jury een award? Ik moet bekennen dat ik zelf (nog) geen ervaringen heb met de fietsen en producten.
De volgende verdieping is exclusief voor Bright++ abonnees:
E-bike van het Jaar 2026: Diamant Suvea Style (€5.599)
De Diamant Suvea Style is zo’n e-bike die volgens de jury meteen duidelijk maakt waar hij voor bedoeld is: alleskunner. Dagelijkse ritten, weekendtochten, stad, buitengebied – het kan allemaal. De jury noemt ’m niet voor niets dé oplossing als je maar plek hebt voor één fiets. Het is een zogeheten E-SUV.