:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.manners.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2026%2F02%2Fbelasting-vermogen-rendement-box-3-2028-aandelen-crypto-tweede-woning-spaargeld.jpg)
De Tweede Kamer heeft ingestemd met een nieuwe manier om het rendement op vermogen te belasten. Zoveel belasting betaal je vanaf 2028 over je spaargeld, aandelen-, vastgoed- en cryptowinst. En wees gerust: de eerste 60.000 euro zijn belastingvrij.
Na jarenlange discussie heeft de Tweede Kamer deze week ingestemd met een nieuwe manier om het rendement op vermogen te belasten. Vanaf 2028 wordt niet langer een algemeen (fictief) rendement belast, maar jouw persoonlijke winst, rente, dividend of huurinkomsten.
Vermogensrendementsheffing: een korte geschiedenis
De vermogensrendementsheffing ontpopte zich al vele jaren geleden tot een hoofdpijndossier. Oorspronkelijk rekende de Belastingdienst één tarief voor het rendement op vermogen, ongeacht of je dit vermogen als spaargeld aanhield of bijvoorbeeld in aandelen had gestoken. Toen de spaarrente steeds lager werd en de aandelenkoersen hoger, werd dit als oneerlijk beschouwd. Beleggers verdienden veel meer met hun vermogen dan spaarders, maar toch moesten beiden hetzelfde percentage aan belasting betalen.
Als oplossing rekende het kabinet voortaan met een fictief rendement. Men keek naar de aandelenkoersen en de spaarrentes en stelde op basis daarvan een percentage vast dat je redelijkerwijs had kunnen verdienen, bijvoorbeeld 2 procent met sparen en 6 procent met beleggen. Hierover werd vervolgens belasting geheven. Ook hier ging uiteindelijk een streep door, toen veel mensen minder rendement maakten dan waarmee de Belastingdienst rekende en massaal bezwaar aantekenden.
Nu is er opnieuw een gewijzigde heffing die dit probleem moet verhelpen. Voortaan wordt je daadwerkelijke rendement belast, waarbij je de cijfers zelf moet aanleveren tijdens de Belastingaangifte. Manners laat zien wat de nieuwe belasting betekent voor duizend euro aan spaargeld, aandelen of crypto.
Nieuwe heffing op spaargeld, aandelen- en cryptowinst
In het nieuwe stelsel betaal je belasting over het daadwerkelijke rendement dat je gedurende een jaar op je vermogen hebt behaald. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen twee vormen. De vermogensaanwasbelasting reken je jaarlijks af met de fiscus en geldt voor spaargeld, aandelen, crypto en huurinkomsten uit een tweede woning. De vermogenswinstbelasting betaal je pas wanneer je vermogen vrijkomt. Dit geldt voor de waardestijging van een tweede woning en voor aandelen in een start-up.
1. De vermogensaanwasbelasting
De vermogensaanwasbelasting belast het jaarlijkse rendement op spaargeld en beleggingen. Over de rente op je spaargeld, de koersstijging van je aandelen en de winst of het dividend op beleggingen betaal je 36 procent belasting. Dit geldt alleen voor vermogen boven de vrijstelling van 60.000 euro; alles daaronder is belastingvrij.
Hieronder een rekenvoorbeeld voor duizend euro aan spaargeld, aandelen, crypto of huurinkomsten:
- Je hebt 1.000 euro op een spaarrekening met 2 procent rente. Je rendement is 20 euro. Hiervan gaat 36 procent naar de fiscus, oftewel 7,20 euro.
- Je hebt 1.000 euro in beleggingen die 8 procent in waarde stijgen. Je rendement is 80 euro. Hiervan gaat 36 procent naar de fiscus, oftewel 28,80 euro.
- Je hebt 1.000 euro in crypto die 20 procent in waarde stijgt. Je rendement is 200 euro. Hiervan gaat 36 procent naar de fiscus, oftewel 72 euro.
- Je bezit een tweede woning waar je 1.000 euro aan huurinkomsten uit verdient. Je rendement is 1.000 euro. Hiervan gaat 36 procent naar de fiscus, oftewel 360 euro.
2. De vermogenswinstbelasting
Het nadeel van de vermogensaanwasbelasting is dat je soms al belasting moet betalen over rendement dat je nog niet daadwerkelijk hebt verzilverd. Daarom betaal je voor de waardestijging van een tweede woning of aandelen in startende ondernemingen (die je beide niet eenvoudig kunt verkopen) geen vermogensaanwas-, maar vermogenswinstbelasting. Dit bedraagt eveneens 36 procent over het rendement boven de vrijstelling van 60.000 euro.
- Je koopt een vakantiehuisje voor 100.000 euro dat een jaar later 120.000 euro waard is. Je rendement bedraagt 20.000 euro. Hiervan gaat 36 procent naar de fiscus, oftewel 7.200 euro. Dit betaal je pas wanneer je het huis verkoopt.
- Je koopt voor 1.000 euro aandelen in een start-up die een jaar later 1.200 euro waard zijn. Je rendement bedraagt 200 euro. Hiervan gaat 36 procent naar de fiscus, oftewel 72 euro. Dit betaal je pas wanneer je de aandelen verkoopt.