Actueel
178
keer gelezen
Oud-Beijerland – ‘Inwoners moeten het bestuurlijk handelen dragen’ en ‘Als je samenwerkt kom je verder’, waren karakteristieke uitspraken en leidraden in het handelen van drs. Bert Broekhuis uit Oud-Beijerland. Hij was voor de PvdA onder meer oud-Tweede Kamerlid, oud-burgemeester en landelijk en in Europees verband pleitbezorger voor Kleine Kernen. Hij overleed op 7 februari na een kort ziekbed, precies een week voor zijn 83ste verjaardag, in zijn woonplaats.
De laatste jaren van zijn leven verbleef Broekhuis gedurende langere perioden in Potsdam in Duitsland, waar hij aan de universiteit lesgaf en studenten begeleidde. De geopolitieke ontwikkelingen en de toenemende beleidsmatige hardvochtigheid baarden hem zorgen. Met zijn partner beijverde hij zich om via ontwikkelingshulp het leven van kleine boeren te verbeteren.
Als hij in Nederland was, bezocht Bert Broekhuis de afdelingsvergaderingen van zijn partij, waarbij hij erg betrokken was. De laatste vergadering die hij bijwoonde was die waarop de lijst van GroenLinks-PvdA werd vastgesteld (hij staat op nummer 47 van Lijst 4 GroenLinks-PvdA). In de wandelgangen sprak hij zijn bezorgdheid uit over de grote effecten in de wereld van het Amerikaanse nationalistische beleid.
Bert Broekhuis werd geboren in een antirevolutionair gezin in Den Haag, werd in 1964 lid van de PvdA, belandde door zijn huwelijk op het Zeeuwse eiland Tholen, richtte daar een afdeling van de PvdA op, werd gemeenteraadslid, hoofdingeland van Waterschap Walcheren en werkte bij het Provinciaal Opbouworgaan Stichting Zeeland. Hij had sociologie en bestuurskunde gestudeerd aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.
Hij werd van 1981 tot 1982 lid van de Tweede Kamer als opvolger van het Zeeuwse Kamerlid Jaap van der Doef, die staatssecretaris werd in het kabinet Van Agt II. Broekhuis hield zich tot de val van dat kabinet, een jaar later, vooral bezig met verkeer en waterstaat, defensie, buitenlandse zaken en landbouw/visserij.
In 1984 werd Bert Broekhuis na de gemeentelijke herindeling in de Hoeksche Waard de eerste burgemeester van Cromstrijen. Die samenvoeging van de dorpen Klaaswaal en Numansdorp was geen doorslaand succes. De plaatselijke politiek werd getekend door grote tegenstellingen die ruziënd werden uitgevochten.
Uiteindelijk liep Broekhuis in 1998 stuk op de weerbarstige en vijandige raad. Er ontstond toen de unieke situatie dat hij van plaats ruilde met Roos Bosua, burgemeester van Bernisse. Zij verving hem in Cromstrijen. De bedoeling was dat zij na anderhalf jaar zouden terugkeren op hun post. Dat liep anders. Bosua werd burgemeester in Hillegom en Broekhuis door de kroon benoemd burgemeester van Bernisse. Dat bleef hij tot 2005.
In 1993 verscheen het boek ‘De Hoeksche Waard van nu een herinnering voor later’. Dat was ter gelegenheid van de opheffing van de Stichting Hoeksche Waards Belang, aanvankelijk opgericht voor ‘de vergroting van het zelfbewustzijn van de bewoners van de streek’.
Broekhuis leverde een belangrijke bijdrage aan dit fotoboek met een reeks sfeerfoto’s in de stijl van de Haagse school (gekenmerkt door grijstinten). Met die foto’s betuigde hij zijn grote liefde voor de Hoeksche Waard en toonde hij een scherp oog voor de pracht en de cultuur van het eiland.
Een jaar later, in 1994, stond een nieuw afscheid voor de deur. Het Overlegorgaan Hoeksche Waard ging op in het grotere geheel van de regio Zuid-Holland Zuid. Dat werd luister bijgezet met onder meer de publicatie van een boekje over het Overlegorgaan, dat was getekend door meningsverschillen en bestuurlijke besluiteloosheid. Bert Broekhuis verzon voor deze bundel interviews de passende titel ‘Een vleugje eensgezindheid’.
Broekhuis zag de noodzaak van bestuurlijke schaalvergroting, maar betreurde het dat de charme van kleinschaligheid verloren ging. Voor hem – ‘meer bestuurder dan politicus’ – stond vast dat bestuurlijk handelen slechts zin heeft als dat wordt gedragen door de inwoners van de streek, die behoefte hebben aan overzichtelijkheid en herkenbaarheid.