
Een Lambo bouwen voor minder dan 17.000 euro klinkt als een slechte grap, maar toch is het Sterling Backus gelukt. De ingenieur en natuurkundige bouwde samen met zijn zoon een rijdende Lamborghini Aventador-replica en gebruikte daar grotendeels een 3D-printer voor.
Tijdens het spelen van Forza op de Xbox vroeg het 11-jarige zoontje van Backus of het mogelijk was om zelf een Lamborghini te bouwen. Dat was in 2018 en vier jaar later, in 2022, stond de replica op wielen.
De replica van de auto verscheen de afgelopen jaren al op verschillende autobeurzen en op scholen, maar er wordt steeds meer duidelijk over hoe dit project uiteindelijk tot stand is gekomen en vooral met welke materialen het is gelukt.
3D-geprinte Lamborghini allesbehalve plastic
De basis van de auto is allesbehalve plastic. Sterling Backus laste eerste een frame van staal en haalde vervolgens cruciale onderdelen van auto’s die klaar waren voor de sloop. Zo ging hij aan de haal met een LS1 V8-motor van een Corvette uit 2003, pakte hij een handgeschakelde 6-bak uit een Porsche 911 en leende hij de voorruit van een Toyota Sienna uit 2008.
Uiteindelijk werd de carrosserie geprint met een 3D-printer. In totaal printte Backus 1.000 onderdelen. Dat kostte hem uiteindelijk 6.000 uur printtijd, waarvan de voorbumper twee weken in beslag nam en de achterbumper tien dagen.
Helaas werd al snel duidelijk dat zonlicht voor problemen zorgde en de geprinte onderdelen begonnen te vervormen. Backus besloot om elk onderdeel te versterken met carbonfiber en epoxy en spoot vervolgens de auto in een andere kleur om uiteindelijk de Lamborghini-replica te krijgen waar hij naar op zoek was.