
Veel techbedrijven werken momenteel aan robots die op mensen lijken en taken uit handen nemen waar we zelf weinig zin in hebben. Maar in China focussen ze zich ondertussen op zogenaamde quadrupeds: robothonden die soms sneller rennen dan Usain Bolt.
Vaak nemen dergelijke bedrijven robothonden mee naar techbeurzen, om te laten zien wat mogelijk is middels indrukwekkende demo’s. Maar inmiddels verschijnen er steeds meer algemene versies die voor de gewone consument bereikbaar zijn. Die robots dienen als veelzijdige helpers die lichte spullen tillen, autonoom video’s maken of fungeren als interactief gezelschapsdier voor gezinnen. Een soort manusje van alles, dus.
Robothonden kunnen steeds meer
Vaak zit het hem in de prijs van dit soort robots; vanwege de hoge kosten, wagen weinig mensen zich hieraan. Maar fabrikanten als Vita Dynamics en Dobot brengen die prijzen de laatste tijd omlaag. Zo kost de Dobot Rover X1 minder dan 800 euro, met een soort vooruitbestelkorting. Die robothond laat bovendien zien hoe flexibel de hardware kan zijn. Zo kun je de poten omwisselen voor wielen, waardoor die zowel trucjes kan doen als een omgeving bewaken.
Daarnaast komen de robots ook steeds vaker terecht in andere sensoren, zoals wetenschap en defensie. In Antarctica helpt een zespotige variant met antislipschoenen bij expedities over het ijs, terwijl de overheid in Hongkong de robots gebruikt om bomen te monitoren en vogelsoorten te spotten. Een leger kan de machines ondertussen trainen voor verkenningstochten op het slagveld, waarbij ze live beelden streamen vanuit posities die voor mensen te gevaarlijk zijn.