De vechter voor anderen
‘Ik kan heel goed mijn tanden in een probleem zetten, maar vooral voor anderen. Dat was al zo toen ik op jonge leeftijd een eigen naaiatelier had. Als er bij mijn eigen kleding een knoop af was, dan bleef dat zo, maar voor een ander zette ik hem er meteen aan.’ Jeanine Janssen (48) vierde vorig jaar haar twaalfenhalfjarig jubileum als ombudsvrouw bij omroep Max. Ze heeft, samen met haar team, ontelbaar veel mensen geholpen die opgelicht of anderszins gedupeerd waren en nul op rekest kregen. Haar grootste wapenfeit is de vijf miljoen euro die ze bij Schiphol bedong als schadevergoedingen aan mensen die zo lang moesten wachten vanwege het tekort aan beveiligingspersoneel dat ze hun vlucht misten.
Van huishoudschool tot juridische dienstverlening
Toch lag het niet echt voor de hand dat Janssen deze weg zou inslaan toen ze opgroeide in een middenstandsgezin in het Limburgse Echt. ‘Toen ik een middelbare school moest kiezen, kwam ik op de open dag van de huishoudschool terecht. Daar hing zo’n gezellige sfeer. Het rook er naar pannenkoeken. Dus toen ik thuis kwam, zei ik: ‘Ik wil naar de huishoudschool.’ Mijn oudere broer was eerder naar het vwo gegaan en dat was een fiasco geworden, omdat die school niet bij hem paste. Dus zei mijn vader: ‘Jij gaat gewoon doen wat je wilt. Ga maar lekker pannenkoeken bakken.’ Als kind was ik al een bezige bij. Dat was wat mijn ouders mij ook meegaven: niet bij de pakken neerzitten, zorgen dat je economisch zelfstandig bent en probeer ook nog aan je medemens te denken. Wij mochten thuis niet niks doen. Dus ik had allerlei bijbaantjes. Ik stond op mijn twaalfde op de markt met sokken. Op mijn vijftiende werkte ik bij Zeeman. Dus als kind zat ik nooit zonder geld en dat was een groot voorrecht, want het is handig als je je goed kunt redden. Ik vind financiële onafhankelijkheid heel belangrijk en dat geef ik mijn kinderen ook mee. Bij mijn dochter push ik het extra.
Ik had het naar mijn zin op de huishoudschool. Daarna deed ik mbo Kleding en Mode en begon ik een bedrijfje als naaister. Maar op een gegeven moment dacht ik wel: ga ik nou mijn hele leven in die naaikamer zitten? Het werd uiteindelijk hbo Sociaal Juridische Dienstverlening en daarna liep ik stage bij de Stichting Ombudsman. Mijn vader had graag gezien dat ik in Limburg was gebleven, maar ik wilde uitvliegen.
Soresdienst
Ik ben bij de Stichting Ombudsman blijven hangen, want ik was daar helemaal op mijn plek. Ik draaide een spreekuur en daar kwamen mensen met de meest uiteenlopende problemen. Consumentenproblemen, maar ook problemen met uitkeringen en pensioenen. Dat is mijn beste leerschool geweest. Ik sprak daar gewone mensen en zag waar ze tegen aanliepen. Ik werkte een tijdje als redacteur bij Kassa en Radar en keerde uiteindelijk terug bij de Stichting Ombudsman als hoofd consumentenzaken. Toen moest ik als deskundige het woord doen in die consumentenprogramma’s. Dat vond ik heel leuk. Het was werk dat ertoe deed: we hielpen mensen die er zelf niet meer uitkwamen en dat gaf zo’n lekker gevoel. Die mensen waren allemaal zo blij en als je er één hielp, hielp je er veel, want het schiep een precedent.
Wat betreft consumentenzaken is er sindsdien niet veel veranderd. In de reiswereld opereren misschien minder oplichters, maar sommige zaken zijn zo oud als de wereld. Ze bellen aan en zeggen: je dakgoot moet schoongemaakt. Ze gaan je dak op en dan moet je 4000 euro betalen. Dat gebeurt nog steeds. In 2013 werd de Stichting Ombudsman opgeheven, maar ik kon toen met een collega bij omroep Max een ombudsman beginnen. We richtten ook een ‘soresdienst’ op. Voor mensen die allerlei zaken hebben lopen en daardoor in een uitzichtloze situatie belanden. Die mensen raken mij het meest: mensen die niet goed mee kunnen komen. Die niet met digitalisering kunnen omgaan, brieven niet goed kunnen lezen, laat staan dat ze op zo’n brief kunnen reageren. Als je dan in de schulden raakt, of je wordt ziek, kom je er niet meer uit. Dat vind ik zo schrijnend. Met de soresdienst maken wij samen met deze mensen een plan van aanpak. Vrijwilligers ter plekke gaan dan aan de slag met hen. Deze mensen zijn aan het overleven en wij willen ze helpen zodat ze weer gaan leven.
‘Ik heb een druk leven, veel tijd voor ontspanning is er niet.’
Overbezorgde moeder
Maar ook met het oplossen van gewone consumentenzaken kun je veel betekenen voor mensen. Zo was er een man die tijdens een vakantie een ongeluk kreeg met als gevolg een dwarslaesie. Hij wilde voor zijn verwerking die reis nogmaals maken, maar de reisorganisatie had het zo slecht georganiseerd, dat alles in het water viel. En hij kreeg zijn geld niet terug. Het was voor mij een groter succes dan die vijf miljoen euro van Schiphol, dat ik kon zorgen dat die man zijn geld terugkreeg en alsnog die reis kon maken, mét zijn familieleden die er altijd voor hem waren geweest. Ik heb een druk leven, veel tijd voor ontspanning is er niet. Ik heb twee jaar geleden een vervelende scheiding doorgemaakt en ik zorg in mijn eentje voor drie pubers. Ik ben een overbezorgde moeder, dus ik ben ze voortdurend aan het brengen en halen. Met een fulltime baan vind ik het pittig. Vorig jaar is mijn moeder overleden, dus ik probeer ook nog regelmatig langs te gaan bij mijn vader in Lim – burg. Ondanks dat hij na vijftig jaar huwelijk zijn vrouw heeft verloren, zegt hij: ‘Je bent aan het leven ver – schuldigd dat je er opgewekt door – heen gaat’. Dat vind ik bijzonder. Ik haal veel voldoening uit mijn werk. Ik kan me nog steeds oprecht boos maken als een bedrijf zich niet kan verplaatsen in mensen die gedupeerd zijn en niet over de brug komt. Onrecht maakt dat ik harder ga lopen.’