We kennen het gezegde: bij de loodgieter thuis lekt de kraan. Geldt dat ook voor de koning en koningin van de make-overs? Als het aan Roos ligt, is het antwoord daarop tweeledig. “Bij Bob is alles perfect,” geeft ze toe.
Bob bevestigt dat hij de zaken thuis inderdaad goed op orde heeft. “Ik heb zelf net weer verbouwd, het huis is helemaal af en kakstrak. Na de verbouwing ben ik het meest blij dat ik de stijl die ik al lang voor ogen had, die van een chic jarenzestigkantoorpand of een bungalow in Palm Springs, eindelijk heb kunnen doorvoeren omdat ik nu daadwerkelijk in zo’n jarenzestigpand woon.”
Bij Roos thuis gaat het er iets anders aan toe. “Mijn huis is stiekem een weerspiegeling van mijzelf. Ik houd van oud en klassiek en in zo’n huis woon ik ook met mijn man en onze kinderen,” vertelt ze. “Ik koester de wens om ooit de stap te maken en mijn ‘af-huis’ te creëren, maar ik heb het te druk met anderen om het bij mij thuis helemaal perfect te maken. Dus het is knus, het rammelt aan alle kanten en de keuken had tien jaar geleden al vervangen moeten worden. Maar het is altijd gezellig en ik ben heel goed in decoreren – thuis dus ook als een soort maskerade, haha.”
Allergisch voor het woord ’trend’
Hoewel ze dagelijks bezig zijn met de laatste woontrends, kijken ze daar privé heel anders tegenaan. Bob is stellig: “Het woord ‘trend’,” is wat hij het liefst direct verbant. Roos zit in een spagaat: “Ik moet helaas mee in de trends, omdat ik de moodboards moet vertalen en we werken met sponsorende ‘vrienden van de show’. Ik voel een sterke liefde voor vintage, ook met het oog op duurzaamheid. Ik kan me erover verbazen hoe weinig ouds mensen in huis hebben. In plaats van vintage of erfstukken kopen sommigen liever een complete showroom in een keer.”
Bob is daar een stuk rechtlijniger in. “Ik ben veel hoekiger in het vertalen van trends. Ik ga op slot van sommige kleur- en badkamerwensen. Ik zou het allemaal veel rustiger houden. Aan de andere kant: de keuze voor een roze wc-pot kan ik wonderlijk vinden, als het je stijl is, wordt het vanzelf eigen in plaats van een trend.”
Zingen met Martijn Krabbé
Het nieuwe seizoen van Kopen Zonder Kijken is anders dan anders door de ziekte van presentator Martijn Krabbé. Een gemis op de set, maar gelukkig blijft hij hoorbaar. “Het mooie is dat we Martijn niet hoeven missen, want hij doet nog steeds de voice-overs. Hij gaat al veel langer door dan waar we bang voor waren,” vertelt Bob. “Roos en ik wisten langer van en meer over zijn ziekte dan we mochten delen met de buitenwereld. Er werd door de media enorm aan ons getrokken om van alles te delen over zijn situatie.”
Roos vult aan: “Uiteraard missen we zijn energie wel bij de oplevering van een huis. Martijn kan zich als geen ander verplaatsen in de emoties van de mensen. Hij is een vakman en een showmaster. Als de camera’s aangaan, gaat hij ook aan. Dat mis je komend seizoen in het programma.”
Dat de band verder gaat dan werk, blijkt wel uit de anekdotes van Bob. “Martijn is mijn collega voor dit programma, ik heb zijn huis verbouwd en daarnaast zijn mijn partner Michiel en ik goed bevriend geraakt met hem en zijn vrouw Deborah. Twee keer zijn ze bij ons in ons huis in Spanje geweest. We delen een passie: het Hollandse lied. Met z’n vieren zongen we de hele avond en nacht liederen. Er zijn heel leuke filmpjes waarin we oude hits van Corry Konings zingen.” Lachend voegt hij toe: “Nee, die mag je niet zien.”
‘Jammer als je me niet leuk vindt, maar kritiek lach ik vrolijk weg.’
Kleurenwaaier langs de lijn
Door het succes van het programma zijn Bob en Roos onbedoeld bekende Nederlanders geworden. Iets waar vooral Roos even aan moest wennen. “Ik moest eraan wennen dat ik getorpedeerd werd tot karakter: mijn outfit, mijn stem, de kleur die ik op de muren aanbracht. Monica Geuze ging mij nadoen. Ik dacht: hè, hoezo is er iets met mijn stem dan? Het was niet mijn ambitie om bekend te worden. Ik had gewoon mijn gezin, mijn carrière. Tv ging ik erbij doen, dus er hing eigenlijk niks van af. Jammer als je me niet leuk vindt, maar kritiek lach ik vrolijk weg.”
De bekendheid heeft ook grappige bijwerkingen in hun privéleven. Bob: “Er gaat bij mij geen etentje of familiereünie voorbij of iemand haalt nieuwe keukentekeningen uit z’n binnenzak. Of ik even mee wil kijken.” Roos herkent dit direct: “Dat overkomt mij ook! Langs de lijn bij hockey haalde een van de moeders een kleurenwaaier uit haar handtas onder het mom: ‘Nu we hier toch lekker een uurtje staan…’ Blijkbaar geef ik zelfs kleur aan een grijze hockeyochtend.”