
Blessures en geheimhouding
In verschillende sporten worden blessures bewust verborgen gehouden. Dat gebeurde ook bij Pogacar, wiens knieproblemen pas na afloop bekend raakten. Volgens Jean?Marie Dedecker is dat geen uitzondering.
“In judo is dat een tweede natuur. Een derde van de tijd ben je geblesseerd. Je klaagt daar niet over en je draagt zeker geen verband, want dan weet je dat ze daar schoppen”, klinkt het in Het Nieuwsblad.
Ulla Werbrouck heeft ooit het WK gevochten kort nadat ze haar arm had gebroken op stage in Cuba, vertelt de voormalige bondscoach. “Niemand wist dat. In Cuba wilden ze haar eerst zelfs niet verzorgen. We hebben onder tafel wat peso’s moeten betalen.”
De voorbeelden tonen hoe atleten soms doorgaan ondanks zware hinder. De druk van competitie en verwachtingen speelt daarbij een grote rol. Ook in het wielrennen blijft dat mechanisme aanwezig. Blessures worden niet altijd gedeeld, waardoor tegenstanders niet weten wanneer iemand verzwakt is.
Kansen die ontstaan
Dedecker koppelde dat aan strategische mogelijkheden. “Zo win je koersen. De blessure van Pogacar bewijst wel dat hij ook een keer kan uitvallen. Sowieso vraag ik me af of hij dit nog eens pakweg zeven jaar volhoudt. En dan kijk ik naar Evenepoel. Zorg dat je klaar bent. Zorg dat je beter bent dan Vingegaard op het moment dat Pogacar er níét is”, besluit Dedecker.